De keuken van Normandië is rijk, gelaagd en doordrenkt van traditie. Hier proef je de streek, letterlijk. Van de zoute zeelucht aan de kust tot het zoete aroma van bloeiende appelbomen in het binnenland: de smaken van Normandië zijn stevig verankerd in het landschap zelf.
Het begint al met de eindeloze boomgaarden. De appel is heilig in deze regio. Niet alleen als vrucht, maar vooral als basis voor drie typische dranken: cider, pommeau en calvados. De cider is fris en droog, perfect bij een galette of kaasplank. Pommeau – een zachte mix van appelsap en calvados – wordt als aperitief geschonken. En dan calvados: de beroemde appelbrandewijn die jarenlang rijpt op eikenhouten vaten en symbool staat voor Normandische gastvrijheid. De Route du Cidre, die slingert door het heuvelachtige land rond Lisieux, brengt je langs schilderachtige boerderijen waar je deze dranken kunt proeven bij de maker zelf.
In de kustplaatsen worden dagelijks verse zeevruchten aan land gebracht. Denk aan oesters uit Saint-Vaast-la-Hougue, romig en mineraal van smaak, of de beroemde coquilles Saint-Jacques uit Port-en-Bessin. Langs de marktkramen van visserstadjes als Trouville of Granville geurt het naar krab, garnalen en mosselen. Mosselen worden hier vaak bereid in roomsaus met een vleugje cider en geserveerd met vers brood of friet.
Niet te missen zijn ook de Normandische kazen, die het beste tot hun recht komen op een houten plank met boerenbrood en een glas cider. Camembert de Normandie is wellicht de beroemdste, maar ook de hartvormige Neufchâtel of de strogewikkelde Livarot zijn ware traktaties. In veel gerechten worden deze kazen ook warm verwerkt, als romige saus over vlees of in een knapperige tarte.
De boter en room uit Normandië zijn van uitzonderlijke kwaliteit – niet voor niets vormen ze de basis van veel traditionele gerechten. Klassiekers als kip uit de Vallée d’Auge, gestoofd in room met appels en calvados, of tong gebakken in boter (sole meunière) laten zien hoe eenvoudig en rijk tegelijk de keuken kan zijn. Voor de zoetekauw is er tarte normande – een gebak van appels, room en amandel – of de zoute boterkaramel die in ijs, taart en snoepjes wordt verwerkt.
Wie de streek echt wil proeven, doet er goed aan een lokale markt te bezoeken. In steden als Bayeux, Rouen of Lisieux zijn de markten levendig, geurend naar versgebakken brood, rotisserie-kip en bloemen. Maar ook in de kleinste dorpen tref je wekelijks boeren met zelfgemaakte kazen, honing, cider en worst.
In Normandië eet je niet snel of vluchtig. Je zit aan lange tafels, met uitzicht op een boomgaard, een groene vallei of de zee. Hier is eten geen bijzaak, maar een viering van alles wat het land en de zee geven – eerlijk, overvloedig en met liefde bereid. Normandisch eten is thuiskomen, zelfs als je er voor het eerst bent.